Articles, Geen categorie

Onvoorwaardelijke moederliefde na de genocide in Rwanda

Vierentwintig jaar geleden vond de genocide in Rwanda plaats. Een oorlog waarin de strijders van de Hutu-stam tussen de achthonderdduizend en één miljoen leden van de Tutsi-stam vermoordden. Seksueel geweld was ook een veelgebruikt wapen, naar schatting werden tussen de tweehonderdvijftigduizend en vijfhonderdduizend vrouwen verkracht. De kinderen die daardoor werden geboren, worden children of hate genoemd. Emmi van den Boom reisde af naar Rwanda en praatte met de moeders en hun kinderen.

“Ik kan nauwelijks bevatten wat er tijdens de genocide is gebeurd.” Olivier (24) valt stil als hij aan de gruwelijke moordpartijen tijdens de oorlog in 1994 in zijn thuisland Rwanda denkt. Hij zit in de voorkamer van het kleine lemen huis waar hij samen met zijn moeder Eugemie en vier halfbroertjes woont. Olivier is een grote, brede jongen met lieve, zachte ogen. Zijn lach is verlegen en schaars. Tijdens het gesprek staart hij vrijwel voortdurend naar de grond. Hij praat zacht als het over de genocide gaat. “Ik kan mij niet voorstellen dat buren, vrienden en landgenoten elkaar zo, in koele bloede, zouden vermoorden. Maar dat gebeurde. Ieder jaar tijdens de herdenkingsperiode wordt mijn moeder stil en somber. Dan herleeft ze de trauma’s uit die tijd. Het doet mij pijn haar zo te zien. Het herinnert me aan mijn vader. Aan hoe ik ter wereld ben gekomen.”

Olivier is een child of hate zoals hij en zijn lotgenoten in Rwanda worden genoemd. Hij dankt zijn leven aan de oorlog die in 1994 in het Oost-Afrikaanse land woedde.
Een oorlog waarin de strijders van de Hutu-stam tussen de achthonderdduizend en één miljoen leden van de Tutsi-stam vermoordden. Het was ook een oorlog waarin seksueel geweld een veelgebruikt wapen was: naar schatting werden tussen de tweehonderdvijftigduizend en vijfhonderdduizend vrouwen verkracht. Eugemie was een van hen.

“Mijn buik begon ineens te groeien,” herinnert Eugemie (40) zich nog goed. “Ik dacht dat ik vergiftigd was of een infectie had. Mensen keken mij na en begonnen te lachen. Mijn buurvrouw vertelde mij wat er aan de hand was. Ik was pas zestien en nog nooit ongesteld geweest. Ik wist niks van zwanger zijn. Mijn hele familie was vermoord. Ik was alleen met een baby.” Lees verder op Blendle.

Dit artikel is gepubliceerd in Opzij Magazine in mei 2018.

Samen met journaliste Tove Tikkanen Jönn werk ik aan een documentaire over dit onderwerp. Lees hier meer over Children of Hate [werktitel].